Gemeenten hebben nog nauwelijks zorg ingekocht bij instellingen voor specialistische jeugdzorg. Het overleg tussen de branche en gemeentekoepel VNG over een overgangsplan is stukgelopen. Instellingen voor specialistische jeugdzorg zijn op deze manier niet in staat om de zorg aan kwetsbare kinderen na 2014 voort te zetten. Dat schrijft Kinderombudsman Marc Dullaert in een brandbrief aan staatssecretaris Van Rijn.
Discussie
De nieuwe Jeugdwet wordt vandaag, dinsdag 11 februari, behandeld in de Eerste Kamer. Gemeenten en Van Rijn hameren op “zorgvuldige spoed” bij de behandeling van de nieuwe wet, zodat kan worden verder gegaan met de uitwerking van de decentralisatie. Maar zowel in het parlement als in “het veld” is nog veel discussie over onderdelen van de wet.
Zere plek
De Kinderombudsman legt de vinger op de zere plek voor de specialistische jeugdzorg voor kinderen met bijvoorbeeld een licht verstandelijke beperking, psychische of met gedragsproblemen. Dullaert wil dat er garanties worden gegeven aan instellingen door de overheid en door de gemeenten over de af te nemen zorg. ‘Zonder garanties voor deze instellingen is het invoeren van de Jeugdwet onverantwoord’. De ombudsman blijkt een ‘aanjagende en faciliterende rol’ te hebben gespeeld in een overleg tussen de Branches Gespecialiseerde Zorg voor Jeugd (BGZJ) en de VNG om een overgangsplan op te stellen. Maar het overleg tussen de BGZJ en VNG is vastgelopen.
Zorgverzekeraars
Wel heeft de gemeentekoepel VNG inmiddels een akkoord met Zorgverzekeraars Nederland over de inkoop van Jeugd-ggz – een heet hangijzer in de nieuwe Jeugdwet. In de overeenkomst staat dat gemeenten per 1 januari 2015 opdrachtgever zijn en budgettair eindverantwoordelijk voor de inkoop van alle Jeugd-ggz. Maar de huidige productstructuur van de verzekeraars blijft in stand tot en met 2017. Gemeenten gaan zelf de inkoop uitvoeren en worden daarbij ondersteund door de zorgverzekeraars. Zo moet met regionale inkoopafspraken ruimte ontstaan voor verbindingen van de jeugd–ggz met andere vormen van jeugdhulp, de wijkteams en de huisarts.